Nieuwe premier Magyar zet Hongaarse staatsomroep op zwart na jaren van laster: ‘Het leek Noord-Korea wel’

Hij stond voor een zaal vol journalisten en zei iets wat in Hongarije jarenlang ondenkbaar was: iedereen mocht een vraag stellen. Péter Magyar keek de buitenlandse correspondenten aan en zei dat het Hongaarse propaganda-apparaat leek op dat van Noord-Korea en dat de meeste westerlingen geen idee hadden hoe erg het er werkelijk aan toeging.

De afgetekende winnaar van de Hongaarse verkiezingen vatte later samen wat er jarenlang mis was gegaan. ,,Elke Hongaar verdient een publieke mediadienst die de waarheid uitzendt”, aldus Magyar.

Hij zei dat er een nieuwe mediawet moet komen en wil een mediawaakhond opzetten. Die moet toezien op de persvrijheid. Dat gaat volgens Magyar enige tijd kosten en dus moeten de nieuwsuitzendingen van de publieke omroep tot die tijd worden stilgelegd.

De premier deed de afgelopen jaren bijna wekelijks een interview bij Kossuth Radio, waar Magyar nu zijn uitspraken deed. Politici van de oppositie werden vrijwel nooit uitgenodigd.

Volgens de Hongaarse nieuwssite Index was het zelfs de eerste keer in anderhalf jaar dat Magyar überhaupt te gast was bij een zender van de publieke omroep. Tijdens de campagne, waar hij fors aan de leiding ging, kreeg hij nauwelijks aandacht op de nationale televisie en radio, terwijl bijeenkomsten van premier Orbán live werden uitgezonden.

Op de avond voor de verkiezingen, zaterdag, was het complete journaal op de publieke tv-zender M1 nog gevuld met anti-Magyar-items. Bij een verslag van een concert op het Heldenplein in Boedapest, georganiseerd door de oppositie, werd gesuggereerd dat de avond compleet uit de hand was gelopen.

De aanhang van Magyar zou na afloop de Andrássy-boulevard hebben geruïneerd. ,,Dit hier is niets anders dan het monsterlijke brouwsel van Péter Magyar”, mocht een Fidesz-politicus tijdens de uitzending zeggen.

Een woordvoerder van de regering waarschuwde kiezers: „Vertrouwen we onze zonen toe aan Viktor Orbán, die Hongarije buiten de oorlog houdt, of aan Péter Magyar, die totaal in handen is van de Oekraïners en Brussel en voor de oorlog is?’’

Ze voegde daaraan toe dat Magyar 18-jarige jongens direct naar het front wil sturen. In een ander item werd Tisza beschuldigd van grootschalige verkiezingsfraude, door stemmen te kopen van kansarmen en mensen uit de Roma-gemeenschap. Uit een film van onafhankelijke makers blijkt overigens dat juist Fidesz zich daaraan schuldig maakt.

Nu Magyar aan de macht is, wil hij het medialandschap dus ingrijpend hervormen. De nieuwsuitzendingen van de staatsmedia worden tijdelijk opgeschort. Er komt spoedig een nieuwe mediawet, een nieuwe media-autoriteit en persvrijheid wordt wettelijk verankerd.

Magyar erkent dat dit tijd kost. De wetgeving moet er komen, de structuren moeten worden opgebouwd, de professionele voorwaarden moeten worden gecreëerd. Maar de richting staat vast.

Ákos Szilágyi, een van Viktor Orbáns meest prominente aanhangers, fatsoeneert een van zijn zelfontworpen T-shirts in zijn woning in Boedapest. © AP

Hongarije is in tien jaar tijd hard weggezakt op de Press Freedom Index van Reporters Without Borders (RSF): van de 40ste naar de 85ste plaats. Volgens RSF is dat het gevolg van de systematische afbraak van de rechtsstaat en de steeds autoritairdere koers van Viktor Orbán.

Orbán geldt voor RSF zelfs als een ‘roofdier van de persvrijheid’. Onder zijn bewind is een enorm media-imperium ontstaan, waarin een groot deel van de media de instructies van zijn partij volgt.

In de afgelopen twaalf tot zestien jaar bouwde zijn partij Fidesz een immens media-imperium op. Via de zogeheten Kesma Foundation beheerden zij zo’n 500 mediakanalen, die samen ongeveer 85 procent van de staatsadvertentie-inkomsten opslokten. Media en staatsinstellingen werden geprivatiseerd en in handen gelegd van loyalisten en bondgenoten van Orbán, die en passant ook hun eigen zakken vulden.

Het resultaat was een medialandschap dat in naam pluriform was, maar in de praktijk één stem kende. Orbán was zestien jaar lang wekelijks te gast op de staatsradio. Oppositieleden werden zelden tot nooit uitgenodigd. Kritische journalisten kregen te maken met intimidatie, uitsluiting en lastercampagnes. Pro-Russische oorlogspropaganda werd verspreid, meestal zonder enig weerwoord.

Voormalig Amerikaans ambassadeur David Pressman beschrijft in een podcast hoe Magyar leerde omgaan met Orbáns propagandamachine.

Toen staatsgezinde media Magyar probeerden zwart te maken vanwege een vrouwenzonnebril, verdedigde hij zich niet. Hij lachte erom, droeg de bril demonstratief op foto’s en veilde het item. De opbrengst ging naar vrouwendoelen.

De propagandamachine dacht een wapen te hebben gevonden; Magyar maakte er een statement van, aldus Pressman.

LUIST

---

You cannot copy content of this page